Wanneer meten niet helpt: zelfzorg zonder cijfers

  • Wanneer meten niet helpt: zelfzorg zonder cijfers - Praktijk Mental Balance
  • Wanneer meten niet helpt: zelfzorg zonder cijfers - Praktijk Mental Balance
  • Wanneer meten niet helpt: zelfzorg zonder cijfers - Praktijk Mental Balance
  • Wanneer meten niet helpt: zelfzorg zonder cijfers - Praktijk Mental Balance
  • Wanneer meten niet helpt: zelfzorg zonder cijfers - Praktijk Mental Balance

 

Met de opkomst van smartwatches, smart rings en apps lijkt meten een vanzelfsprekend onderdeel van zelfzorg te zijn geworden. Slaap, stress, beweging en herstel worden vertaald in cijfers, grafieken en scores.

Maar is meten altijd helpend? En wat als cijfers juist afstand creëren in plaats van inzicht?

In dit artikel sta ik stil bij een belangrijke, maar vaak onderbelichte vraag:

Wanneer draagt meten niet bij aan zelfzorg, en wat is er dan wél nodig?


Zelfzorg vraagt om afstemming, niet om controle

Zelfzorg wordt soms verward met optimalisatie: beter slapen, lagere stressscores, hogere herstelwaarden. Dat kan ongemerkt leiden tot een prestatiegerichte houding, waarin het lichaam iets wordt dat moet voldoen.

Voor sommige mensen werkt dit averechts. In plaats van rust ontstaat:

  • extra alertheid

  • spanning rond ‘goed doen’

  • twijfel aan het eigen gevoel

Meten verschuift dan de aandacht van ervaren naar beoordelen.


Wanneer meten kan tegenwerken

Meten is minder helpend wanneer iemand:

  • sterk perfectionistisch is

  • gevoelig is voor controle of fixatie

  • al veel in het hoofd zit

  • moeite heeft met loslaten

In deze situaties kunnen cijfers onbedoeld een nieuwe norm worden. Het lichaam wordt niet langer gevolgd, maar gecorrigeerd.


Het risico van vervreemding van het lichaam

Een opvallend effect van voortdurend meten is dat mensen soms minder gaan vertrouwen op hun eigen signalen:

  • “Mijn horloge zegt dat ik slecht heb geslapen, dus ik zal wel moe zijn.”

  • “Mijn HRV is laag, dus vandaag kan ik beter niets doen.”

Zelfzorg verliest dan zijn kern: luisteren naar wat er van binnen gebeurt.


Zelfzorg zonder cijfers

Zelfzorg kan ook vorm krijgen zonder meten. Voor veel mensen begint herstel juist bij:

  • het herkennen van lichamelijke signalen

  • het voelen van grenzen

  • het reguleren van spanning

  • het herstellen van vertrouwen in het eigen lichaam

Aandacht, vertraging en lichaamsbewustzijn zijn hierbij essentieel. Dat vraagt geen cijfers, maar aanwezigheid.


Meten als keuze, niet als verplichting

Het probleem is niet technologie zelf, maar de veronderstelling dat meten altijd nodig is. Meten is een optie, geen vereiste.

Binnen een bewuste benadering van zelfzorg geldt:

  • meten kan helpen, maar hoeft niet

  • pauzeren met meten kan óók helpend zijn

  • stoppen is geen falen, maar soms een stap richting herstel


De rol van begeleiding

Voor sommige mensen is het zinvol om eerst te werken aan ontspanning, stressregulatie en lichaamsbewustzijn, voordat er eventueel gemeten wordt.

Begeleiding kan helpen om:

  • cijfers in context te plaatsen

  • prestatiedruk te verminderen

  • de verbinding met het lichaam te herstellen

Technologie volgt dan het proces, in plaats van het te sturen.


Conclusie

Meten kan inzicht geven, maar is geen voorwaarde voor zelfzorg. Wanneer cijfers spanning oproepen, afstand creëren of het lichaamsgevoel ondermijnen, is het tijd om een stap terug te doen.

Zelfzorg begint niet bij data, maar bij aandacht. En soms is juist het loslaten van meten een belangrijke stap richting herstel.


Dit artikel vormt een afronding van de reeks over zelfzorg en technologie, waarin de nadruk ligt op bewust gebruik, mildheid en afstemming tussen lichaam en geest.

Dr. Fons de Vries
Praktijk Mental Balance

Lees ook: Smart rings en smartwatches als zelfzorg-instrument...

29 januari 2026